de man met het meetsnoer de man met het meetsnoer

De man met het meetsnoer


Ezechiël 40, 5: De man nu had in zijn hand een meetroede van zes ellen


meten


Deze week zag ik een landmeter bezig in een straat bij mij in de buurt. Je ziet zulke mannen wel vaker. Tussen de stoeptegels slaan zij koperen nagels als ijkpunten. Met een soort camera meten ze dan de exacte afstand en brengen die in kaart. Zo blijven de gegevens van het kadaster nauwkeurig bijgehouden. Wat mij trof was dat de man alleen was. Vroeger - niet eens zo heel lang geleden - werden zulke metingen door tenminste twee mensen gedaan. Door de nauwkeurigheid van de meetapparatuur is het lang niet altijd nodig om twee mensen daar te laten werken, dus is de man alleen.

werk als sociaal gebeuren


Mijns inziens is er daardoor iets verloren gegaan. Ik herinner me hoe wij op school tijdens de economieles te horen kregen over zogenaamde ‘verborgen werkeloosheid'. Twee of meer mensen doen het werk dat door minder of zelfs een enkeling kan worden gedaan. Ik herinner me ook dat ik die term ten diepste onzin vond. Het is grappig dat ik dat eigenlijk nog steeds een beetje vind. Want, zo'n landmeter werkt nu alleen, maar hij mist het overleg en de samenwerking met een ander. Op sommige vuilniswagens zit nu ook nog maar een enkele werknemer in plaats van twee of meer. Ik begrijp wel dat het goedkoper is, maar de interactie, het sociale verkeer is daardoor verminderd en dat is niet alleen maar winst. Er zijn vast nog wel meer voorbeelden te geven. Werk is ook een sociaal gebeuren. Juist in de omgang van de ene mens met de andere kan er iets positiefs gebeuren dat meer is. Dat extra is niet economisch uit te drukken, maar heeft voor veel mensen een bijzondere waarde.

 

meten naar de menselijke maat


In de profetie van Ezechiël, maar ook bij andere profetische teksten, is er sprake van een meting. Dat meten is een oordeel dat in opdracht van de Here God geschiedt. Het oordeel is van God, dat gaat ons begrip te boven, maar de maat waarmee gemeten wordt is een menselijke maat. Hier in deze tekst gaat het om de nieuwe tempel van Godswege. De stok heeft een lengte van zes ellen. Zes is al het getal van de mens, maar een el is een handbreedte zo wordt toegelicht. Met nadruk staat erbij dat het om de gewone maat gaat. De menselijke maat. Dat is genade van God. In het Nieuwe Testament schrijft de apostel Paulus dat door Christus de diepte en de hoogte van Gods genade en liefde te peilen is. Gods Zoon is in Jezus Christus mens geworden. De menselijke maat als teken van Gods genade. Ieder die gelooft kan dat zien.

leven met de menselijke maat


Als nu God in zijn genade zelfs zijn oordeel in menselijke maat uitdrukt, zouden wij dan niet ook voortdurend rekening moeten houden met die menselijke maat? Ik hoor van mensen die met spanningen werken. Ik hoor van mensen die het uiterste moeten presteren. Ik denk aan de sportwereld. Het gaat in de voetbalwereld allang niet meer om het spel alleen, dat weet bijna iedereen. De trainer van de verliezende partij moet zo'n verlies dikwijls met ontslag bekopen. De prestaties die we in de top hebben verricht moeten blijven. Wat je gisteren als topprestatie in een uur kon fiksen, moet ook morgen zeker in een uur, liever nog korter, voor elkaar zien te krijgen. Mensen gaan daardoor op hun tenen lopen en dat gaat uiteraard fout. De records en de prestaties worden opgedreven, niet alleen in de bijzondere, maar juist ook in de alledaagse werkzaamheden. We zien dus mensen vereenzamen; wat door één persoon kan worden gedaan, moet je vooral niet aan twee of meer overlaten. We zien ook de druk toenemen; wat in een uur mogelijk is, mag zeker niet langer duren.


De techniek bracht comfort. Mijn overgrootvader liet triomfantelijk askegeltjes van zijn sigaar op het tapijt vallen, zodat zij konden worden opgezogen door de toen nieuwe uitvinding. Wat een tijd zou dat besparen! Is dat zo? Ga ik nu ik niet hoef te stoffen, omdat de stofzuiger het mij gemakkelijker maakt en tijd voor mij wint, meer op mijn gemak zitten?

 

meten is weten


Door te meten hebben we meer grip op onze samenleving. In het meten van de nieuwe tempel ligt een oordeel. Een oordeel over de nieuwe tijd. Het is een oordeel van God, maar er ontstaat juist ruimte. Ruimte voor de mens om op adem te komen bij God, om te leren vertrouwen op zijn oordeel. De gemeente is zo'n plaats waar dat geweten wordt. Daar worden mensen niet gemeten of gewogen - althans, als het goed is, gebeurt dat niet - maar daar wordt wel rekening gehouden met die meting van God. Zijn onpeilbare liefde die gegrond is in Jezus Christus en zo menselijk nabij is gekomen. Wie dat ziet en gelooft, zal rekening houden met de menselijke maat.


De landmeter meet mijn straat. Hij doet dat in z'n eentje. Hij doet mij denken aan die andere maat; die van de overvloedige maat van Gods genade. Die toch juist een menselijke maat is. Zou die landmeter het weten?

 


G.J.Krol
 

terug